Home
Kunstroute Nieuws over de kunstroute

Interview bij Kunstroute 2026

Drie eigenzinnigen onder één dak

Door Jodie Keijner

Aan de Evertsenstraat in Leiden delen drie kunstenaars sinds vijf jaar een atelier. Etser en componist Burkhardt Söll (1944), schilder en oud-Hoofd Beeldende Kunst van het Rijksmuseum Gregor J.M. Weber (1956) en etser en kunsthistorica Lisanne Wepler (1980) vormen daar samen het kunstenaarscollectief drukdrukpaint. Tijdens de Kunstroute 2026 staat de reeks etsen “Schlafen und Wachen” van Burkhardt centraal – een serie waarin hij autobiografische droombeelden toont.

V.l.n.r.: Gregor J.M. Weber, Lisanne Wepler, Burkhardt Söll
V.l.n.r.: Gregor J.M. Weber, Lisanne Wepler, Burkhardt Söll Foto: Patricia Nauta

Etsen naast het bed

De titel is voor Burkhardt bijna letterlijk te nemen. “Terwijl ik slaap, maak ik etsen. Ik heb zo'n plaat naast mijn bed liggen. Dan val ik in slaap, en als ik wakker word, kijk ik wat het geworden is,” zegt hij met een lach. Half fantasie, half realiteit, zo noemt hij het moment van de overgang tussen waken en dromen, een thema waar ook Freud en de surrealisten zich mee bezighielden. De titel heeft een religieuze laag. “Slapen en waken, dat is natuurlijk een religieus thema. In de tuin van Gethsemane gebeurde dat: Jezus die wakker wilde blijven en de zwakkelingen die in slaap vielen. Daar gaat kunst over. Niet dat ik religieus ben, maar onze hele Europese kunst is door en door religieus,” aldus Burkhardt.

In de serie, die zo'n 24 etsen omvat en waar Burkhardt de afgelopen twintig jaar aan werkte, verwerkt hij eigen jeugdherinneringen. “Van mijn jeugd, tussen mijn nul en zesde jaar, heb ik maar vijf foto's. Die vijf foto's verwerk ik steeds opnieuw. ‘Zo was het misschien geweest’, denk ik dan. En vaak herinner je je iets wat er eigenlijk nooit is geweest. Dat past bij zo'n surrealistische impact.”

De reeks kreeg een dramatisch vervolg. De koperplaten, zo'n zeventig in totaal, werden een paar jaar geleden gestolen uit het oude atelier, tijdens een verhuizing. “Dat past natuurlijk ook wel weer bij de serie” zegt Burkhardt nuchter. Lisanne noemt het “echt heel heftig” en “dramatisch”. De presentatie tijdens Kunstroute 2026 markeert een bijzonder moment: na jaren van werken, verliezen en terugkijken wordt Schlafen und Wachen nu met bezoekers gedeeld.

Foto: Patricia Nauta
Foto: Patricia Nauta

To the point

Voor de techniek koos Burkhardt bewust voor droge naald. Lisanne legt uit wat dat inhoudt: “Dat betekent dat je direct met een naald in de koperplaat krast, zonder een laag etsgrond ertussen zoals bij een gewone ets.” De werken van Burkhardt zijn opgebouwd uit duizenden kleine streepjes. Zelf houdt hij van de directheid van de techniek. “Het is een relatief spontaan middel. Maar als het eenmaal diep is ingekrast, kun je niets meer corrigeren. Je hebt een dwangbuis waarin je moet functioneren. Dat kent iedere kunstenaar, als hij to the point moet komen.” Aan één plaat werkt hij soms wekenlang, soms een paar dagen.

Een kunsthistoricus die zelf gaat schilderen

Waar Burkhardt in de Kunstroute met Schlafen und Wachen centraal staat, werkt Gregor op de achtergrond aan zijn eigen project. Weber was tot enkele jaren geleden Hoofd Beeldende Kunst bij het Rijksmuseum Amsterdam, waar hij onder andere mede-samensteller was van de grote Vermeer-tentoonstelling. Als student kunstgeschiedenis kopieerde hij oude meesters om de techniek te doorgronden, “puur om te begrijpen hoe het in elkaar zit”, niet om ooit zelf kunstenaar te worden. Sinds zijn pensioen gaat hij een stap verder: hij verzint eigen toevoegingen aan de kunstgeschiedenis. Bij een tronie van Pieter Bruegel de Oude, mogelijk de verbeelding van de hoofdzonde ‘luiheid’, schildert hij de ontbrekende hoofdzonden er gewoon zelf bij. “Als kunsthistoricus moet je altijd de waarheid vertellen. Als kunstenaar vervals ik niet, maar verzin ik mijn eigen dingetjes. Dat is mijn plezier.”

Een van zijn oude werken is een kopie naar het zelfportret van Jan Lievens, die als jonge schilder samen met Rembrandt in Leiden werkte – het origineel hangt in de National Gallery of Scotland in Edinburgh. “Ik heb het niet naar het origineel geschilderd, maar naar twintig verschillende afbeeldingen, en elke afbeelding is anders. Dus je moet zelf iets combineren, bedenken wat het zou kunnen zijn.” Burkhardt grapt dat Museum De Lakenhal het schilderij eigenlijk zou moeten lenen voor de entree van het museum.

Bomen, geduld en proefdrukken

Lisanne, oprichter van het bedrijf drukdrukpaint (ook naam van het collectief), is de laatste jaren vooral bomen gaan weergeven. Zo is ze nu bezig met de ginkgo in de Hortus Leiden. Haar werkwijze is een proces van kijken, aanpassen en verfijnen: eerst een eerste druk, dan opnieuw inkrassen en afdrukken, en soms zo door tot een vijfde of zesde proefstadium. Hoe ze bepaalt wanneer het resultaat goed is, weet ze niet precies. “Dat is meestal een gevoel. Maar soms komt er nog kritiek, en ga ik toch weer door, als ik het een goed punt vind.” Lisanne werkt graag buiten, referentiefoto’s gebruikt ze liever niet: “Je hebt meer visuele informatie als je voor het object zelf zit. En de belevenis onder een boom te zitten, met al wat er rondom de boom krioelt, komt er gratis bij.” Afgelopen winter heeft ze zelfs getest tot welke temperatuur ze het buiten volhoudt om direct naar de natuur te tekenen: bij twee graden, zonder wind, in de zon, met dikke sokken, blijkt een uurtje mogelijk.

Foto: Patricia Nauta

Ruimte voor uitwisseling

Het drietal ontmoette elkaar via een kookcursus. Later bleken ze ook verbonden via Rembrandt-kenner Ernst van de Wetering. Toen het atelier van Burkhardt aan de Kaasmarkt moest worden gerenoveerd, besloten ze samen een nieuwe plek te zoeken: de huidige werkplaats aan de Evertsenstraat.

Dat de drie elkaar geregeld tegenspreken, vinden ze juist waardevol. “Dat is het goede als je met z'n drieën een atelier hebt” zegt Gregor. “Iedereen ziet wat je doet”. Harmonie zoeken is voor het drietal geen doel op zich: “Het gaat niet om decoratieve, mooie dingetjes. Het gaat om inhoud, om intentie, om zeggingskracht” aldus Gregor, die dat mede toeschrijft aan hun gedeelde kunsthistorische achtergrond.

Hoewel de drie kunstenaars een atelier delen, werken ze niet altijd tegelijk. Burkhardt heeft thuis nog een werkruimte waar hij soms schildert, Lisanne wisselt het atelier af met tekenen in de buitenlucht, en Gregor is naast het schilderen ook nog bezig met kunsthistorisch onderzoek. Als er muziek op staat in het atelier klinkt vaak Bach. “Die geeft rust bij het schilderen of tekenen” zegt Lisanne. Toch waakt Gregor voor een al te romantisch beeld van het kunstenaarsbestaan. “Mensen denken soms dat het een paradijsje is” zegt hij. “Maar uiteindelijk is het vooral heel hard werken.”

Je vindt drukdrukpaint aan de Evertsenstraat 115.