Home

Leidens beleg en ontzet

Ieder jaar rond 3 oktober viert Leiden uitbundig feest. Een paar dagen lang staat de stad op z’n kop en ligt het alledaagse leven plat. De Leidenaren eten hutspot, haring en wittebrood en zingen tijdens de Reveille. Waarom? Daarvoor moeten we terug naar de tweede helft van de 16e eeuw.

Honger, ziekte en een uitzichtloze situatie. Daarmee kampen de inwoners van Leiden in 1573-1574. De stad is tijdens de tachtigjarige oorlog omsingeld door de Spaanse troepen van Koning Filips II, die vastbesloten zijn om de Leidenaren uit te hongeren en de stad te veroveren. De burgers zijn verdeeld: overgeven of volhouden? Naar schatting komen ruim 6.000 mensen om, bijna de helft van de toenmalige bevolking.

Hongersnood

Hongersnood is een grote doodsoorzaak, maar ook ziekten als de pest en dysenterie grijpen door de verzwakte weerstand snel om zich heen. Tot overmaat van ramp is er een tekort aan bier waardoor men gedwongen is om vuil grachtenwater te drinken. Volgens de overlevering biedt burgemeester Van der Werf op het hoogtepunt van de nood zijn eigen lichaam aan als voedsel voor de hongerige burgers. Mattheus van Bree verbeeldt deze dramatische zelfopoffering later op een enorm schilderij.

Leidse glibbers

Veel hongerige mensen ontglippen de stad. Een deel van deze ‘glippers’, verraders, geeft de Spaanse troepen zelfs strategische informatie over de situatie in de stad. Later verandert het scheldwoord van glipper naar glibber en wordt het een geuzennaam.

Doorgestoken dijken

Uiteindelijk steekt het leger van Willem van Oranje samen met de Watergeuzen de dijken van Holland door. In de nacht van 2 op 3 oktober 1574 lopen de polders rondom Leiden onder water en slaan de Spanjaarden op de vlucht. Via de ondergelopen gebieden komen in de vroege ochtend van 3 oktober tientallen Watergeuzen aan varen. Zij bevrijden de stad en delen haring en wittebrood uit. In het verlaten kamp van de Spanjaarden, bij de Lammenschans, vinden ze een ketel met hutspot.

Schenking universiteit

Als dank voor de inzet en moed van de Leidse bevolking schenkt Willem van Oranje de Leidenaren een universiteit, die vier maanden na het Leidens ontzet op 8 februari 1575 wordt ingewijd.

Haring, wittebrood en hutspot

Nog altijd vieren de Leidenaren op 3 oktober het ontzet met haring, wittebrood en hutspot. De ketel wordt het symbool voor de volharding en het overleven van de hongersnood door de burgers. Vroeg in de morgen tijdens de Reveille zingen de burgemeester en de wethouders samen met het Leidse volk het Wilhelmus en andere vaderlandse liederen.

Hedendaags historiestuk

Bijna 450 jaar later, in 2011, ensceneert en fotografeert Erwin Olaf in opdracht van Museum De Lakenhal en de Universiteit Leiden dit historisch tafereel. Erwin Olaf situeert zijn dramatische voorstelling in de Leidse Pieterskerk en laat daar 'gewone' Leidenaren figureren naast professionele modellen. Niet alleen dankzij de échte mensen op de foto, maar ook door de kleine hedendaagse details die Erwin Olaf in de foto heeft verstopt - een iPod en een leesbril bijvoorbeeld - is de foto een absolute publieksfavoriet in het museum.

Beluister meer over het Leidens Ontzet